In Haggaï 1:9 werd ik geraakt door de woorden ‘Om mijn huis, dat verwoest ligt, terwijl gij draaft, ieder voor zijn eigen huis.’ Dit hoofdstuk is een krachtige aansporing van de HERE om de tempel te herbouwen. De tempel ligt nog steeds in puin, ook al zijn de Joden alweer teruggekeerd uit de Ballingschap. Ze wonen in hun weldoortimmerde huizen, zoals het in vers 3 staat, terwijl het huis van de Here verwoest is. Lees meer »