Lijden loutert

Het liefst zouden we zingend en dansend onze weg over de aarde gaan, richting de hemelse heerlijkheid. Met een volle portemonnee, een gezond lichaam, een lang leven, in vrijheid, in een mooi huis, met een gelukkig gezin, een mooie auto en met een mooie carrière. Het succesverhaal van een christen, zoals ons vandaag nogal eens wordt voorgehouden door tal van predikers.

Zwakke, zieke en vervolgde christenen zijn kennelijk de ‘losers’, de mislukkelingen. ‘Als je werkelijk in Christus gelooft, hoef je je daar niet bij neer te leggen. Christus is immers machtig je te beschermen en te bevrijden en je te laten delen in voorspoed, welvaart en gezondheid,’ zo word je voorgehouden
Maar dit is beslist niet de boodschap van het Evangelie. Dit is een ander evangelie. Lees maar wat Paulus daarover zegt:

‘Ik verwonder mij erover dat u zich zo snel afwendt van Hem Die u in de genade van Christus geroepen heeft, naar een ander evangelie,
terwijl er geen ander is; al zijn er ook sommigen die u in verwarring brengen en het Evangelie van Christus willen verdraaien.
Maar zelfs als wij, of een engel uit de hemel, u een evangelie zouden verkondigen, anders dan wat wij u verkondigd hebben, die zij vervloekt.
Zoals wij al eerder gezegd hebben, zo zeg ik ook nu weer: Als iemand u een evangelie verkondigt anders dan wat u ontvangen hebt, die zij vervloekt’ (Galaten 1:6-8).

God laat het lijden soms toe. Het past in Zijn plan, hoe moeilijk het voor ons ook is om dat te begrijpen. Hij kan lijden, vervolging gebruiken om het mee te laten werken ten goede, zoals vers 28 van Romeinen 8 zegt:
‘En wij weten dat voor hen die God liefhebben, alle dingen meewerken ten goede, voor hen namelijk die overeenkomstig Zijn voornemen geroepen zijn.

Dit kunnen we niet beredeneren, dit kunnen we alleen maar geloven. Hier mogen we in rusten, in het vaste vertrouwen dat het de Heere nooit uit handen loopt, wat er ook gebeurt.
Ook kan het lijden, de vervolging, ons verlangen doen groeien naar de toekomstige heerlijkheid die de Heere voor ons heeft bereid.
Lijden doet pijn. Soms verschrikkelijk veel pijn. Maar lijden is niet zinloos. Lijden loutert. Een weg van beproeving kan de Heere gebruiken om ons deel te laten krijgen aan Zijn heerlijkheid en heiligheid. Je hoort het mensen die vervolging hebben meegemaakt, die hebben moeten lijden, nogal eens zeggen: ‘Het was toen moeilijk en zwaar, ik begreep er niets van, maar geestelijk was het een goede tijd.’

De Bijbel bevestigt dit. In Hebreeën 12 gaat het hierover, over vermaning, bestraffing en kastijding door God van Zijn kinderen. In vers 6 staat:
‘Want de Heere bestraft wie Hij liefheeft, en Hij geselt iedere zoon die Hij aanneemt.
Hij doet dit tot ons nut, zegt vers 10, opdat wij deel krijgen aan Zijn heiligheid.’

Wat een wonderlijke behandeling geeft de Heere de Zijnen. ‘Heere, schenk ons genade om alles wat in ons leven gebeurt, te zien in hemels licht, opdat we leren U te vertrouwen in alles.’

In het lijden kan de hand van de hemelse Pottenbakker aan het werk zijn om ons mooier te maken. Wanneer een pottenbakker een vaas maakt, gebruikt hij daarvoor een stuk klei. U hebt het misschien wel eens gezien. Hij kneedt het en vormt het, legt het op de draaitafel en is ingespannen bezig om er een zo mooi mogelijke vaas of schaal van te maken.
En om een nog mooiere vaas te maken, moet hij soms opnieuw beginnen. Dat is ‘pijnlijk’ voor de klei, want die moet dan opnieuw gekneed worden.

We lezen hierover in Jeremia 18:3 en 4:
‘Zo daalde ik af naar het huis van de pottenbakker. En zie, hij was op de draaischijven een werkstuk aan het maken.
Mislukte de pot die hij aan het maken was met de klei in de hand van de pottenbakker, dan maakte hij daarvan weer een andere pot, zoals het in de ogen van de pottenbakker goed was om te maken.’

Zo pijnlijk kan het ook in ons leven zijn als de Pottenbakker, de Heere zelf, aan ons werkt om ons meer en meer te laten lijken op Zijn Zoon, de Heere Jezus. Lijden kan passen in Zijn plan, vervolging eveneens. Hij kan dat mee laten werken ten goede.
Gelovige kinderen van God, die naar de maatstaven van de wereld veel hebben moeten lijden, kunnen plaatjes geworden zijn van de Heere Jezus. Ik heb ze wel ontmoet, gelovigen die jaren gevangen hadden gezeten, gemarteld waren om hun geloof in hun Heere en Heiland. Je proefde, je zag de Heere Jezus in hen. Ze waren vol van liefde, blijdschap, vrede, geduld, vriendelijkheid, goedheid, geloof, zachtmoedigheid, zelfbeheersing (Galaten 5:22).

‘Zie, zoals klei in de hand van de pottenbakker, zo bent u in Mijn hand, huis van Israel’ (Jeremia 18:6).
Zoals Israel klei was en is in de hand van de hemelse Pottenbakker, zo zijn wij het ook. Zeker, het kneden doet pijn, maar we mogen ons ook verheugen als het pijn doet, omdat Hij bezig is om iets heel moois van ons te maken. Wat een genade om een kostbaar kunstwerk te mogen zijn in Zijn hand.
Weet u, in Zijn handen zijn we veilig, wat er ook gebeurt. Psalm 91:1 zegt zo mooi:
‘Wie in de schuilplaats van de Allerhoogste is gezeten, zal overnachten in de schaduw van de Almachtige.’

Dan kunnen de stormen over ons leven jagen, het water kan ons bedreigen, het vuur kan steeds heter worden, toch mogen we ons veilig en geborgen weten bij de Heere. Juist als het zo zwaar voor ons is, kan Gods Woord ons zo bemoedigen, zoals met de woorden uit Jesaja 43:2:
‘Wanneer u zult gaan door het water, Ik zal bij u zijn, door rivieren, zij zullen u niet overspoelen.
Wanneer u door het vuur zult gaan, zult u niet verbranden, geen vlam zal u aansteken.’

Wat er ook gebeurt, de Heere zal ons vasthouden, ons bewaren. Dat mag een machtige bemoediging voor ons zijn, en ook voor allen die vervolgd worden omwille van hun geloof in de Heere Jezus. In de ogen van de wereld lijken wij misschien de verliezers, maar met Hem mogen we meer dan overwinnaar zijn (Romeinen 8:37).
De satan kan tekeer gaan, door de vervolgers heen. Hij wil de gelovigen scheiden van hun God, hij wil ze wanhopig maken, hij wil ze zover krijgen dat ze God vaarwel zeggen, Hem vervloeken. Dat zal hem echter nooit lukken, lees maar Romeinen 8:38 en 39:
‘Want ik ben ervan overtuigd dat noch dood, noch leven, noch engelen, noch overheden, noch krachten, noch tegenwoordige, noch toekomstige dingen,
noch hoogte, noch diepte, noch enig ander schepsel ons zal kunnen scheiden van de liefde van God in Christus Jezus, onze Heere.’

Dirk van Genderen
(Dit commentaar is een hoofdstuk uit het boek dat ik heb geschreven over het lijden van de vervolgde christenen.)