Algemeen

Het Lam - als geslacht - in de hemel

Op de Paasmorgen klinkt de jubeltoon: ‘De Heere is waarlijk opgestaan.’ De losprijs is betaald. Wat zouden we hebben aan een dode Christus? Niets toch. Hij leeft. ‘De dood is verslonden tot overwinning’ zegt 1 Korintiërs 15:54 zo mooi. Zijn opstanding is de absolute garantie voor onze opstanding. De opgestane Levensvorst is nu in de hemel. Als het Lam. De Heere Jezus is nu in de hemel, op de troon, aan de rechterhand van Zijn hemelse Vader (Hebreeën 12:2). Hij regeert. Hij bidt voor ons. En Zijn bloed reinigt van alle zonden. Nog steeds. ‘Met één offer heeft Hij hen die geheiligd worden, tot in eeuwigheid volmaakt’ (Hebreeën 10:14). Veertig dagen na Zijn opstanding ging Hij naar de hemel. Je kunt je afvragen: Hoe is Hij nu in de hemel? Hoe is Zijn uiterlijk? Hij ziet Hij eruit? Hij ging naar de hemel, in de gedaante van een mens, met een verheerlijkt opstandingslichaam, terwijl Hij tegelijkertijd ook God was en is. Ook in de hemel heeft is Hij God en mens, met een menselijke gestalte. Toen de Heere Jezus na Zijn opstanding aan Thomas verscheen, toonde Hij hem de littekens in Zijn handen en in Zijn zij (Johannes 20). In Zacharia 12:10 lezen we: ‘Zij zullen Mij aanschouwen, Die zij doorstoken hebben’. Daar gaat het over de wederkomst van de Heere Jezus. Ik geloof dat Zijn littekens dan nog zichtbaar zullen zijn. Toen Stefanus werd gestenigd, hield hij, terwijl hij vol was van de Heilige Geest, zijn ogen naar de hemel gericht en zag hij de heerlijkheid van God en Jezus, staande aan de rechterhand van God (Handelingen 7:56). Hij zag Jezus, Hij herkende Hem, staande, in Zijn menselijke uiterlijk. Het is opmerkelijk dat in het Bijbelboek Openbaring diverse keren wordt gesproken over de Heere Jezus, als het Lam. Er loopt een directe lijn van Zijn lijden en sterven naar de hemelse heerlijkheid. In Openbaring 5:6 klinkt het: ‘En ik zag, en zie: te midden van de troon en van de vier dieren en te midden van de ouderlingen stond een Lam als geslacht, met zeven horens en zeven ogen.’ Dat Hij het Lam wordt genoemd, typeert Hem als de vervulling van het paaslam dat de Joden elk jaar moesten slachten. Als Degene Die met Zijn leven de losprijs heeft betaald om ons vrij kopen van onder de macht van de zonde vandaan. Tot in de eeuwigheid zal aan Hem zichtbaar zijn dat Hij het Lam is, Die Zich heeft laten slachten voor ons, om de straf, het oordeel, die vloek die wij hadden verdiend vanwege onze zonden, op Zich heeft genomen. Wat een wonder van genade. Dat betekent: in de hoedanigheid van. Die zeven horens wijzen erop dat Christus, door Zich te vernederen, de volkomen overwinning heeft behaald. Door genade mogen wij delen in Zijn overwinning, over dood en zonde (1 Korinthe 15:57) ‘Aan Hem Die op de troon zit en aan het Lam zij de dankzegging, de eer, de heerlijkheid en de kracht in alle eeuwigheid,’ lezen we in Openbaring 5:13. Jazeker, ook nu al mogen we Hem eren, loven en prijzen voor Wie Hij is, en voor wat Hij gedaan heeft om ons met God te verzoenen. Hem komt toe de heerlijkheid en de kracht tot in alle eeuwigheid. Eenmaal, als we voor altijd bij Hem zullen zijn, zal ons loflied volkomen zijn. Ook in Openbaring 6:16 en 17 wordt over het Lam gesproken: ‘En zij zeiden tegen de bergen en de rotsen: Val op ons en verberg ons voor het aangezicht van Hem Die op de troon zit, en voor de toorn van het Lam. Want de grote dag van Zijn toorn is aangebroken en wie kan dan staande blijven?’ De Heere Jezus kwam als het Lam, om Zich te laten offeren voor de zonde. Maar Hem is ook het oordeel gegeven. We zullen alleen staande blijven als we Hem mogen kennen als het Lam, Dat Zijn leven ook voor ons heeft gegeven. Hij komt om de wereld regeren en vrede te brengen. In Openbaring wordt ook de grote waarde van het bloed van het Lam benadrukt. In Openbaring 12:11 lezen we: ‘En zij hebben hem overwonnen door het bloed van het Lam en door het woord van hun getuigenis, en zij hebben hun leven niet liefgehad tot in de dood.’ Deze woorden hebben een heel diepe inhoud, als ik denk aan de martelaren, onze broeders en zusters die vervolgd worden vanwege hun geloof in de Heere Jezus. Zij hebben Hem meer lief dan hun eigen leven. Het lijkt dat zij de nederlaag lijden, maar ze overwinnen de satan, door het bloed van het Lam en door het woord van hun getuigenis. Ook in Openbaring 21 komen we het Lam weer tegen. Er wordt gesproken over de bruid, de vrouw van het Lam (vers 9), het nieuwe Jeruzalem (vers 10). ‘Ik zag geen tempel in haar, want de Here, de almachtige God, is haar tempel, en het Lam,’ vers 22. De stad heeft geen zon en geen maan meer nodig, want de heerlijkheid van God verlicht haar, haar lamp is het Lam (vers 23). Wat een wonderlijk vooruitzicht. Wat een heerlijke toekomst wacht ons, de gemeente, als de bruid, de vrouw van het Lam. En de woonplaats die voor ons bereid is, het heilige, het nieuwe Jeruzalem, wat zal het daar heerlijk zijn. De Godsstad zal verlicht worden door de heerlijkheid van God en het Lam is haar lamp. ‘…alleen zij die geschreven zijn in het boek des levens van het Lam’ (vers 27) mogen binnengaan in deze stad. Allen die in dit leven hun vertrouwen op het Lam, de Heere Jezus hebben leren stellen, voor wie Hij ter slachting is geleid. Zij zullen de eeuwigheid met Hem doorbrengen. Mag u weten dat uw naam ook staat geschreven in dat boek des levens van het Lam? Wat een genade, wat een voorrecht, als je dat mag weten. Dan ben je welgelukzalig, om het met een prachtig woord uit de Statenvertaling te zeggen. Ook in Openbaring 22 komen we het Lam weer tegen. De heerlijke toekomst die ons daar wordt voorgespiegeld, in het nieuwe, heilige Jeruzalem, is de vrucht van Zijn offer. Een stad met geweldige afmetingen, kubusvormig, 2400 kilometer lang, 2400 kilometer breed en 2400 kilometer hoog. Met een verheerlijkt opstandingslichaam zal verplaatsing in de hoogte geen probleem meer zijn. ‘1 En hij liet mij een zuivere rivier zien, van het water des levens, helder als kristal, die uit de troon van God en van het Lam kwam. 2 In het midden van haar straat en aan de ene en de andere zijde van de rivier bevond zich de Boom des levens, die twaalf vruchten voortbrengt – van maand tot maand geeft Hij Zijn vrucht. En de bladeren van de boom zijn tot genezing van de heidenvolken. 3 En geen enkele vervloeking zal er meer zijn. En de troon van God en van het Lam zal daar zijn, en Zijn dienstknechten zullen Hem dienen, 4 en zullen Zijn aangezicht zien, en Zijn Naam zal op hun voorhoofd zijn. 5 En daar zal geen nacht zijn, en zij hebben geen lamp en ook geen zonlicht nodig, want de Here God verlicht hen. En zij zullen als koningen regeren in alle eeuwigheid.’ We kunnen ons er slechts over verwonderen hoe heerlijk het daar zal zijn. Er zal daar geen tempel meer zijn, maar wel de troon van God en van het Lam. En met Hem zullen wij als koningen regeren in alle eeuwigheid. Wat zal het daar heerlijk zijn! U allen gezegende Paasdagen toegewenst! Dirk van Genderen

Een reactie plaatsen

0/2000

Reacties worden beoordeeld voordat ze zichtbaar zijn.

Kosteloos en zonder verplichtingen

Blijf verbonden.

Vond u deze overdenking waardevol? Ontvang wekelijks nieuwe columns direct in uw mailbox.